Bruisende conferentie Westfrisland 2.0, gericht op de toekomst

Bruisende conferentie Westfrisland 2.0, gericht op de toekomst

Niet eerder gaf een conferentie van het project Jeugd, Alcohol en Drugs zo’n goed beeld van de partijen die hierin samenwerken als die van 12 december in Schouwburg het Park. Lees hier het uitgebreide verslag en bekijk de fotoreportage.

 
Bruisende conferentie Westfrisland 2.0, gericht op de toekomst

De zaal was gevuld met vertegenwoordigers van zo’n beetje alle organisaties die raakvlakken hebben met de gezondheid van onze jeugd: lokale politiek, gemeentebesturen, ministeries, provincie Noord-Holland, justitie, politie, verslavingszorg, jeugdzorg, reclassering, psychische hulpverlening, preventieve gezondheidszorg, ziekenhuis,  onderwijs, kerken, banken, horeca, supermarkten en de NS. Uiteraard was ook de groep waar alles in dit project om draait, in groten getale aanwezig. De jongens en meiden gaven met hun opvattingen en ideeën de bijeenkomst een dynamisch karakter.
Na een trailer die zich niet alleen door de geluidssterkte maar ook door de indringende beelden onder het middenrif vastzette, liep burgemeester Onno van Veldhuizen, voorzitter van de stuurgroep van het project Jeugd, Alcohol en Drugs, in rap tempo de afgelopen vier jaar langs: waarom dit project, wat is er allemaal gebeurd, wat zijn de resultaten tot nu toe?

‘Het was eigenlijk een sprong in het duister toen we eraan begonnen, meer een gevoel dan dat we uit feiten wisten: hier klopt iets niet, dit is niet normaal.’ Kaartte wijlen burgemeester Eggermont van Stede Broec het alarmerend aantal zelfdodingen en jongeren in de problemen aan, Van Veldhuizen herinnert zich nog dat hij bij zijn aantreden als burgemeester vond dat ‘hier wel erg veel werd vernield’. 

De inmiddels befaamde startconferentie ‘Westfrisland’ in 2007 werd belegd, die gemeentelijke bestuurders en hulpverleners bij elkaar bracht om hun zorgen over de toekomst van de jeugd met elkaar te delen. Het was het zetje, nodig om de problemen door nauwe samenwerking van zoveel mogelijk partijen te gaan aanpakken.
Wat waren de doelen waarnaar werd gestreefd? ‘Ook dat was een schot in het donker’, zei Van Veldhuizen. Veel verkennings- en onderzoekswerk moest nog gebeuren, maar in dit vroege stadium werd – na een nulmeting van de stand van zaken bij de jeugd – het streven dat na afloop van het project 5 procent minder jongeren zou drinken.

Resultaat, maar ook zorgen
De trein ging rijden en kwam niet meer tot stilstand. De ene wagon na de andere haakte aan. Schotten tussen organisaties verdwenen, professionals van diverse pluimage wisten elkaar te vinden. Het Westfriesgasthuis kreeg een van de vier alcoholpoli’s in Nederland. Er kwamen pilots, zoals die met lokaal toezicht op de Drank- en Horecawet. Studies gaven het project meer richting, zoals het onderzoek naar het naleven van het verbod om drank te verschaffen aan jongeren onder de zestien jaar. Ook was er in de horeca het onthullende nalevingsonderzoek van het verbod om te schenken aan kennelijk dronken personen.
Lang niet alles verliep gladjes, integendeel. Met name het besluit om de horecatijden te veranderen (de deuren na 12.00 uur sluiten voor nieuwe bezoekers) verhitte de gemoederen flink.
Er werden resultaten geboekt, wel degelijk (minder jongeren onder de zestien drinken en de beginleeftijd van het drinken stijgt), maar het comazuipen blijft een probleem van de eerste orde.
De pijlen werden ook gericht op de landelijke politiek: de volstrekt willekeurig vastgestelde leeftijdsgrens van zestien jaar zou naar achttien jaar moeten. Het is niet gebeurd, in weerwil van onderzoek dat bewijst dat jonge hersenen door alcohol schade oplopen en ook in weerwil van een sterk groeiend maatschappelijk draagvlak voor een hogere leeftijdsgrens.

‘Altijd piekeren, dat is ziek’
Filemon Wesselink, programmamaker bij BNN en presentator van de conferentie, ging vervolgens in gesprek met een aantal professionals:
-Onno van Veldhuizen, burgemeester van Hoorn en voorzitter stuurgroep Jeugd, Alcohol en Drugs
-Ad Kerkhof, klinisch psycholoog
-Arjen Verboom, kinderarts
-Henrieke Crielaard, beleidsmedewerker Centraal Bureau Levensmiddelen
-Jos Molenaar, afdelingshoofd politie Hoorn
-Richard op t Veld, voorzitter Horeca Nederland afdeling West-Friesland
-Nico Plug, directeur GGD
-Dirk te Grotenhuis, wethouder Jeugdzaken Drechterland en
-Niek Kuijper, projectmanager GGZ. 

Kerkhof benoemde in deze ronde de druk van de groepscultuur in West-Friesland op jongeren die niét vrolijk zijn, wél willen zeggen hoe ze zich voelen. ‘Ze lopen het risico om uitgestoten te worden. Dan kun je knap eenzaam zijn. Jongeren die stelselmatig heel veel drinken, hebben echt psychische problemen. Veel van hen hebben een chaos in het hoofd, dwanggedachten. Alcohol kan hun gevoelens dempen.’ Kuijper sloot zich er bij aan: ‘Eén op de zeven jongeren denkt aan zelfdoding. Jongeren die maar piekeren en piekeren, dat is ziek!’
Uit de zaal: ‘Misschien wij als opvoeders eens denken aan de druk die we onze kinderen opleggen. Ze moeten veel presteren.’ 

De persoonlijke verhalen van twee mensen die meewerken aan het project Moedige moeders uit Volendam maakten het publiek stil. Moedige Moeders Volendam: Marga Schurink zei ondermeer over haar zwaar verslaafde zoon: ‘Gelukkig tussen aanhalingstekens is hij in de gevangenis gekomen. Alle afkickpogingen waren tot dan toe mislukt, maar hier is hij gedwongen afgekickt.’ De moeders Hannie Gorter en Myriam Loonen  van het Friese project Vroeg op Stap, het burgerinitiatief voor vroegere sluitingstijden: ‘De jongeren drinken de hele avond voor en gaan pas heel laat de kroeg in, tot in de ochtend. Ze willen wel eerder, maar pas als het gezellig is omdat het druk is. En druk wordt het pas laat.

Ongewenst seksueel gedrag
Arjen Verboom deed wat hij al jaren doet als kinderarts en hoeder van de alcoholpoli:  waarschuwen. ‘We hebben het over comazuipen, maar het voorstadium daarvan is een black out. Je weet dan echt niet meer wat je doet. Er kan sprake zijn van grensoverschrijdend gedrag. Vlak dat niet uit: één op de vier meisjes krijgt te maken met ongewenst seksueel gedrag, zoals de borsten ontbloten en tongzoenen. Dat is erg veel.’
Hij zal de laatste zijn om te ontkennen dat het comazuipen een probleem is, maar met het voorlichtende werk van de alcoholpoli wordt een groot aantal jongeren bereikt. Hierdoor neemt de kans toe dat het met hén nooit zo ver zal komen. En: er valt veel te bereiken door het vermogen van jongeren aan te boren om elkaar af te houden van te veel drinken.

De strijd tegen het voordrinken
De politie heeft te maken met buitensporig veel uitgaansgeweld als gevolg van te veel drank op, 90 procent of zelfs meer. Jos Molenaar: ‘Als jongeren zestien zijn, gaan ze los, het mag immers.’
De relatie met de vervroegde horecatijden was snel gelegd, altijd goed voor stevige discussie. Zorgt vroeger uitgaan er écht voor dat er minder wordt voorgedronken? Van Veldhuizen was optimistisch en verwees naar wetenschappelijk onderzoek, maar in de zaal klonk scepsis: ‘Dat is allemaal theorie. De praktijk is anders.’
Het argument dat voordrinken veel goedkoper is dan drinken in de horeca, snijdt hout als verklaring voor dit fenomeen, maar is niet het hele antwoord, zo bleek. Ouders vertelden dat zij ‘m vroeger óók flink konden raken, verspreid over het hele weekend, maar dat vooral gezelligheid het doel was. ‘Nu moet alle pret gebeuren op die ene zaterdagavond.’ Een meisje: ‘Ik zie dat veel sterke drank wordt gedronken, omdat ze niet zozeer op die gezelligheid uit zijn, maar zo snel mogelijk dronken willen worden.’
Op ‘t Veld van Horeca Nederland merkte op dat de horeca laat op de avond veel jongeren binnenkrijgt die al aardig wat op hebben. Op de vraag van Wesselink wat men dan doet: ‘We willen geen aangeschoten mensen toelaten, maar juist dankzij de vervroegde sluitingstijden staan er vlak voor dat uur u zo’n 400 man in de rij om naar binnen te mogen! Ga dan maar eens controleren.’ Hij vertelde wel dat de horeca een ID-reader gaat aanschaffen om de controlemogelijkheden te vergroten.

Media hebben verantwoordelijkheid
Drie mediavertegenwoordigers werden aan de tand gevoeld: programmamakers Bas Hetebrij van NCRV’s Altijd wat en Herman Vijlbrief van KRO Brandpunt, en Connie Vertegaal, journalist bij het Noord-Hollands Dagblad. De beide mannen hebben een programma gemaakt over de West-Friese jeugd. Ze voelden zich betrokken en meenden dat ze hun werk met verantwoordelijkheidsgevoel hadden gedaan. Ze waren zich ervan bewust dat ze de regio met de jeugdproblemen in de schijnwerper zetten, maar ‘als journalist moet je dat doen.’ Voorwaarde is in hun ogen dat je dan professioneel en integer te werk gaat. ‘Het is ook mooi om te laten zien dat West-Friesland zijn nek heeft uitgestoken.’
Een conferentiedeelnemer vroeg Connie Vertegaal of het NHD wil stilstaan bij het effect van de beeldvorming door positieve artikelen te schrijven en leuke foto’s te plaatsen van evenementen, zoals de befaamde kermisborrels. ‘Die laten alleen maar de leuke kant zien.’ De journaliste zei dat de krant wel degelijk ook de andere kant van de medaille toont. Vanuit de zaal kreeg de redactie de aanmoediging mee om bewust bij te dragen aan meer openheid over de schadelijke rol van alcohol en het terugdringen van de norm dat drinken normaal is.

De persoonlijke verhalen van twee mensen die meewerken aan het project Moedige moeders uit Volendam maakten het publiek stil. Moedige Moeders Volendam: Marga Schurink zei ondermeer over haar zwaar verslaafde zoon: ‘Gelukkig tussen aanhalingstekens is hij in de gevangenis gekomen. Alle afkickpogingen waren tot dan toe mislukt, maar hier is hij gedwongen afgekickt.’ De moeders Hannie Gorter en Myriam Loonen van het Friese project Vroeg op Stap, het burgerinitiatief voor vroegere sluitingstijden: ‘De jongeren drinken de hele avond voor en gaan pas heel laat de kroeg in, tot in de ochtend. Ze willen wel eerder, maar pas als het gezellig is omdat het druk is. En druk wordt het pas laat.’

Drank is makkelijk te krijgen
Na de pauze namen mysteryguests het podium in bezit om verslag te doen van hun soms hilarische ervaringen. Zij, meisjes en jongens die nog geen zestien waren, moesten eerder in het kader van het nalevingsonderzoek proberen drank te kopen. ‘En lukte dat?’ vroeg Filemon. Het eenstemmige ja bleef even hangen, als iets om nog eens goed over na te denken.
Er was wel onderscheid. In supermarkten was het ‘t moeilijkst om drank te kopen en bij AH lukte het al helemaal niet. Sportcafés waren juist weer zeer laagdrempelig. De jongeren hadden zich nogal vermaakt met de tekortschietende rekenvaardigheden van caissières als zij aan de hand van de ID moesten bekijken of de klant wel zestien was. ‘Soms keken ze er heel snel naar en gaven ze de drank gewoon mee!’ De al genoemde ID-reader zou dus ook in de winkels goed van pas kunnen komen.

Leren signaleren bereikt veel mensen
GGZ-medewerker Marianne Frieling vertelde over de effecten van de training Leren signaleren, waardoor mensen die met jongeren in aanraking komen, het kunnen herkennen als het met iemand niet goed gaat. ‘Er zijn allerlei tekenen, met name sterk veranderd gedrag, waardoor je op het spoor wordt gezet. De mensen die dit signaleren, kunnen terecht bij het meldpunt Vangnet en advies. Dat komt altijd in actie.’ Inmiddels zijn 1.100 mensen getraind, in allerlei geledingen van de samenleving, van onderwijs via sportclubs tot thuiszorg. En het trainen gaat dóór.

Kees Peerdeman was aanwezig om kort iets te vertellen over zijn boek Isolatie.
De West-Friese illustrator en grafisch ontwerper ontwikkelde in zijn jeugd een angststoornis en komt daar open voor uit. ‘Ik was bang om dood te gaan. Het gaat nu al een stuk beter.’ Hij maakte over zijn psychische problemen een boek en studeerde daarmee cum laude af aan de Eindhovense Design Academy. Zijn voorraad boeken is inmiddels uitverkocht, maar Isolatie is voor iedereen op zijn website www.keespeerdeman.nl/oud te vinden.

‘En wat doe jij?’
In zijn slotwoord benadrukte Onno van Veldhuizen dat het project niet stopt, maar doorgaat, nu zelfs in het heel noordelijk Noord-Holland. In de pauze hadden deelnemers vanuit hun specifieke betrokkenheid hún puzzelstuk vormgegeven door er zaken op te schrijven die zij van belang vonden. Aan het eind van de conferentie werden de stukken samengevoegd tot één geheel, onder de noemer ‘je verantwoordelijkheid nemen’. De trailer aan het begin van de conferentie werd ermee besloten en burgemeester gaf het ten slotte iedereen mee naar huis: ‘En wat doe jij?’ Geen enkele partij in de samenleving kan zich er meer aan onttrekken, is de boodschap.

Campagne In Control of Alcohol op Facebook
Tijdens de conferentie werd een nieuwe campagne op Facebook onthuld, waarmee jongeren en ouders aan het denken worden gezet. Wie heeft eigenlijk de controle? Jij? Je ouders? Of beslist alcohol wat je doet en wat je nog weet?
In de eerste fase richt de campagne In Control of Alcohol zich op het alcoholmisbruik. Er bestaat voldoende informatie over, maar met de nieuwe media is het mogelijk heel veel mensen te bereiken. Facebook is een van de grootste netwerken ter wereld.
Het biedt de mogelijkheid om een eigen website en een Facebookpagina te combineren. Zo wordt optimaal van de mogelijkheden gebruik gemaakt, zoals het makkelijk overbrengen van informatie, foto's en video's.
Paul van Kuik van Denavi Creative en ontwerper van de pagina op Facebook: ‘Bezoekers kunnen hiermee makkelijk informatie verspreiden en hun mening delen. Zo kunnen zij antwoord geven op de vraag: wat ga jij nu doen? Alleen al bij het lezen van deze vraag staat de bezoeker stil bij het probleem en dat is ons doel. In de toekomst is het nodig de pagina te blijven voeden, zowel onder de fans (like's) als onder hun vrienden, familie en andere relaties. Dit gaan we in 2012 dan ook zeker doen door middel van onder meer games en app’s. Op deze manier bereiken we veel mensen en slaan we een brug tussen informatie en de doelgroepen.’