Genetisch kwetsbare kinderen gebaat bij duidelijke regels

Kinderen die genetisch kwetsbaar zijn voor alcohol, zijn gebaat bij ouders die duidelijke regels stellen wat het drinken betreft. Hebben deze kinderen toegeeflijke ouders, dan lopen ze een groter risico vroegtijdig te beginnen met alcohol. Dit blijkt uit onderzoek van gedragsonderzoeker Carmen van der Zwaluw van het Behavioural Science Institute van de Radboud Universiteit Nijmegen.
 
De meeste jongeren drinken hun eerste alcoholische drankje tussen hun elfde en vijftiende levensjaar. In groep 8 van de basisschool blijkt een derde van de jongeren al eens alcohol te hebben gedronken. Alcoholgebruik op jonge leeftijd is onder andere problematisch omdat het de kans op later alcoholisme vergroot. Het was al bekend dat de rol van ouders van invloed is op het wel of niet gaan drinken van jongeren (zie Feiten en cijfers, Onderzoeken, proefschrift H. van der Vorst). Heldere afspraken en duidelijke regels over het drinken van alcohol kunnen vooral jongeren met een genetische aanleg voor alcohol afhouden van het op jonge leeftijd veel gaan drinken.
Uit het onderzoek van Van der Zwaluw blijkt dat kinderen met een genetische kwetsbaarheid die ouders hadden die weinig regels stelden, een jaar later meer alcohol dronken dan kinderen met strengere ouders of kinderen zonder de genetische kwetsbaarheid. 
Voor de risicogroep zijn een goed gesprek en het maken van afspraken over alcoholgebruik extra belangrijk. Carmen van der Zwaluw: ‘Het lijkt erop dat regels en afspraken de genetische kwetsbaarheid kunnen sturen. Nog meer dan nu het geval is, moeten we de nadruk leggen op het belang van goede afspraken in het gezin rondom alcohol.’

Kijk voor de volledige publicatie van het onderzoek bij Feiten en cijfers, Onderzoeken.